Rode bosmier
Uiterlijk
Rood tot roodbruine kop en thorax.
Zwartbruin achterlijf.
De lengte van de werksters is 4 tot 9 mm.
Ontwikkeling
Grote kolonies bestaande uit meerdere nesten en koninginnen.
Naar mate het warmer wordt zal er meer activiteit plaats vinden. Leefwijze
Komt voor in naald en loofbossen.
Maken koepelvormige nesten.
Eten hoofdzakelijk insecten.
Schade
Niet schadelijk wel erg hinderlijk als het nest zich in de buurt van
een woning bevindt.
Wering/preventie
Het nest of nesten opzoeken en verplaatsen liefst diep in het bos.
|